Het is een onnozel spel, als het alleen om de knikkers gaat

knikkers.png

  • Wie standaardisatie als beperkend ziet, stopt de vooruitgang

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel van minister De Jonge van Volksgezondheid waardoor standaard berichtenverkeer en financiële verantwoording tussen gemeenten en zorgaanbieders afgedwongen kan worden. Maar ondanks deze stap blijft er pijn en helpt het ons niet echt. Het is als gouden verf op een verrot systeem.

De nieuwe wet verplicht gemeenten informatiestandaarden van het programma I-Sociaal Domein te gebruiken voor zorg uit de Wmo of Jeugdwet. Hierin hebben gemeenten en zorgaanbieders contracten, berichtenverkeer en de financiële verantwoording zoals facturatie en declaratie, gestandaardiseerd. Een aanbieder van jeugdhulp of Wmo-zorg die voor meerdere gemeenten werkt heeft hierdoor nog maar één verantwoordingsmanier nodig.

De nieuwe wet ontregelt de zorg. Zeker zal het zorgen voor minder papier. Maar de dans om het geld zal er niet minder om worden. En de zorg daardoor niet beter. Als de minister van VWS echt ballen had, had hij de sector meteen ook verlost van het verderfelijke aanbestedingscircus. Het pennywise maar pound-foolish marktdenken zorgt levert slecht bureaucratisch gedrocht en juridisch steekspel op. De kantelingsdroom binnen het sociaal domein heeft zo geleid tot een heuse industrie. Met desastreuze gevolgen voor de kwaliteit en continuïteit van zorg. Als wethouder in Rotterdam deelde hij die kritiek. Als minister zwijgt hij daarover.

Ikzelf ben een ‘believer’. Ik geloof in de intenties, beloftes en mogelijkheden van de kanteling. Ik steek er dagelijks, en met veel plezier, al mijn energie in. Maar doordat de overheid onvoldoende zorgt voor een gelijk speelveld is er meer tegenspraak en tegenkracht dan samenspel. Gewoon, omdat essentiële ingrediënten niet geleverd worden.

De informatiestandaarden zijn een mooie, maar kleine eerste stap. Ik zou de minister willen vragen ook de onderhandelingen over redelijke kostprijzen voor diensten en producten binnen de jeugdzorg en Wmo te centraliseren. Waarom zo moeilijk doen als het samen kan.

Wie nu denkt dat ik van mijn geloof gevallen ben: ik pleit niet voor standaardisatie van de dienstverlening. Integendeel. Die is naar mijn mening veel te ver doorgeslagen. Maatwerk trekt zich namelijk niks aan van producten en prijzen. Maatwerk gaat over tegemoet komen aan individuele wensen en mogelijkheden van mensen.  Gepersonaliseerde ondersteuning en maatwerk stelt de mensen om wie het gaat en hun leefsituatie centraal. Rondom hen organiseren wij ons werk flexibel en zetten wij medewerkers als vakmensen in.  Juist centrale afspraken  en standaardisatie van de tarieven zal daaraan naar mijn mening bijdragen.

Als het geld duidelijk en geregeld is, kan en zal het bij het gesprek op decentraal niveau niet meer over de prijs gaan, maar over de beste en meest effectieve organisatie en slimme uitvoering van ondersteuning en zorg voor inwoners. Gesprekken gaan dan weer over kwaliteit, presentie en betekenis voor de mensen. Over wie – voor hetzelfde geld – betere en passender ondersteuning kan bieden kan! Dat zijn pas echte pikkels voor passende zorg En ja, ze dragen ook bij aan het ontregelen van de bureaucratie.

Wat mij betreft is standaardisatie dus een belangrijke voorwaarde voor het bereiken van de eigenlijke opgave. De overheid als terreinknecht moet met standaardisatie van de spelregels ontwerpprincipes uitdragen op basis waarvan de spelers – gemeenten, aanbieders en inwoners –  elkaar kunnen uitdagen de kanteling vanuit inhoud kwalitatief en overtuigend in te vullen door samen te innoveren. De huidige aanbestedingspraktijken lenen zich hier niet voor. Juist daarom moeten wij de daaraan verbonden rolverdeling tussen de opdracht gevende overheid  en de opdracht nemende aanbieder loslaten en vervangen door een gecontroleerde en transparante set van standaard spelregels.

  • De auteur, Peter Paul J. Doodkorte, is als senior-adviseur verbonden aan Vondel & Nassau, een landelijk werkend adviesbureau voor sociaal domein en overheden

Advertenties

Je moet erin slagen te doen wat nodig is

  • Maatwerk vraagt radicaal en drastisch herontwerp van de confectie

maatwerk

Bij het vormgeven van de decentralisaties zorg, jeugd en werk wordt gehamerd op maatwerk; dat is het toverwoord bij deze decentralisaties. Eigenlijk elke gemeente heeft het als missie: toegankelijk zijn en op maat en vraaggericht werken. Toch blijven de resultaten achter bij de verwachtingen en ambities. Hoe dat komt?

Wat er volgens mij mis gaat is dat niet consequent van primaire klantproces en het resultaat centraal staan, maar – en los daarvan – de standaardisatie van bekostiging, productieverantwoording en normeringen.

De complexiteit van de zorg- en hulpvragen op alle leefgebieden vraagt de inzet van innovatieve methodes en een pragmatische aanpak. De “wat werkt methode”. Hierbij wordt er bewust gekozen voor het inzetten van een combinatie van instrumenten en oplossingen; die de kortste weg naar resultaat opleveren. Dat is voor elke situatie – en de daarbij betrokkenen – verschillend; en dus maatwerk. Het is belangrijk daarbij niet te rigide te werken; ook al past dit niet binnen de geldende kaders.

Dat vraagt allereerst om een andere mentaliteit, cultuur en organisatie van de uitvoering. Maar het is minstens zo belangrijk om uitvoerende professionals de juiste gereedschappen in handen te geven om het werkproces transparanter, eenduidiger, effectiever en efficiënter vorm te kunnen geven.

Als verschillende instituties, aanbieders of professionals met diverse middelen er samen voor moeten zorgen dat er diensten geleverd worden, dan is planning essentieel. Hoe complexer de uitdaging en hoe meer verschillende bronnen nodig zijn om daaraan te voldoen, hoe belangrijker een goede planning wordt. En dus roept en schreeuwt alles en iedereen om standaardisatie, want dat is veel efficiënter en daarmee effectiever. Zo wordt verondersteld.

Maar efficiënt werken, oftewel de juiste dingen goed doen, is niet de enige doelstelling. Dat je de dingen heel goed en efficiënt doet, betekent niet automatisch dat je ook de goede dingen doet. ‘Effectief’ staat ervoor dat je de juiste dingen doet, en dat is heel wat anders. Standaardisatie klinkt logisch. En het bekt ook lekker. Maar het heeft niets te maken met de daadwerkelijke transformatie van het zorgsysteem en het daarbij beoogde maatwerk.

Niet standaardiseren dus? En alle ruimte en verantwoordelijkheid overdragen aan de werkvloer; de uitvoerende professionals? Het antwoord is ja en nee.

De waarde voor de mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben, ligt niet in het feit dat de oplossing de goedkoopste of kwalitatief beste is. De echte waarde ligt in het feit dat zij toegesneden is op de specifieke omstandigheden van de betrokkene(n). Het fundament daarvoor is gelegen in het adequaat uitwisselen van informatie. Dit betekent dat de juiste en bruikbare informatie efficiënt verzameld en verwerkt dient te worden. En juist daar piept en kraakt het. Er is geen of onvoldoende standaard voor uniforme bekostiging, protocollen en uitwisselbaarheid van (financiële) informatie met andere schakels in de keten. Hierdoor is onduidelijk of iemand zorg mag krijgen, wanneer deze zorg gestart mag worden, welke zorg er dan precies geleverd mag worden, hoeveel dat gaat kosten en hoe dat wordt betaald. Dit is lastig voor gemeenten en aanbieders, maar vooral belastend voor de betrokken mensen, die hierdoor te lang moeten wachten op passende zorg.

Toch is het niet zo dat standaardisatie de ruimte en eigen verantwoordelijkheid van professionals teniet doen. Integendeel. Standaardisatie moet dat uniformeren wat strikt noodzakelijk is: belangrijke stappen in samenwerking of overleg, activiteiten die noodzakelijk zijn in verband met de afrekening, etc. Binnen deze standaarden moet er maximale vrijheid zijn voor de professionele deskundigheid, zodat de creativiteit en het vakmanschap van de medewerker gewoon kan blijven bestaan. Fundamenteel andere systemen van bekostiging – op een hoger aggregatieniveau – cruciale stappen en overdrachtsmomenten, alle relevante personen betrekken bij belangrijke beslissingen: wanneer dat gesmeerd loopt, kunnen we veel effectiviteit en productiviteit en dus winst of besparing halen. En juist dat vraagt dus om integratie en standaardisatie.

Standaardisatie is daarmee een onderwerp dat de individuele instellingen en sectoren overstijgt of moet overstijgen. Het vraagt om het gezamenlijk gebruik van dezelfde gegevensdefinities en het vereenvoudigen van de gegevensuitwisseling en bekostiging over de grenzen van individuele instituties en domeinen heen. Nu staat standaardisatie nog teveel synoniem voor wildgroei van ad-hoc maatwerk voor de eigen instituties en sectoren. Dat is bijvoorbeeld goed te zien aan het aantal productcodes binnen de verschillende zorgdomeinen. Zij leiden tot wurgende situaties. Maar terwijl wij dat weten, kom er in plaats van gestandaardiseerde resultaatcodes een standaardlijst met productcodes en productomschrijvingen voor de Wmo en Jeugdwet. Daarbinnen moet je maar passen. Geen maatwerk dus, maar pure confectie!

Maatwerk binnen resultaatstandaardisatie vergroot de effectiviteit (doelgerichtheid) door een permanente klantgerichtheid en resultaatgerichtheid binnen alle activiteiten. Naast effectiviteit stijgt zo ook de efficiëntie. Bovendien sloopt de resultaatstandaardisatie de muren die samenwerking en integratie tussen verschillende zorginstellingen nu nog te vaak van elkaar gescheiden houden. Breek die muren af!

Standaardisering binnen de ‘hele zorgketen’ kan (en moet) dus toegevoegde waarde hebben. Het aggregatieniveau van deze standaardisatie moet aansluiten bij de ruimte voor maatwerk die voortvloeit uit de diversiteit van de mensen-wensen waaraan wij willen en moeten voldoen. Dat betekent dat het ontwerp minder gefractioneerd (per instelling, sector, domein, gemeente, aanbieder) en minder productgericht moet zijn of worden. Zolang resultaatstandaardisatie niet geregeld is, is het een illusie om te denken dat de omvorming met maatwerk de effectiviteit zal vergroten en efficiëntie en kostenbesparing zal opleveren.