Natuurlijke drift

schorpioen.png

  • De kikker en de schorpioen

Er waren eens een schorpioen en een kikker die elkaar ontmoetten. De kikker sprong altijd vrolijk rond op het land en was dan weer in het water en dan weer op het land. De schorpioen had dat allemaal zo eens aangezien en besloot op een dag eens een praatje te gaan maken met de kikker. “Zo, kikker,” zei de schorpioen. “Je hebt het nogal naar je zin, he?” “Ik mag niet klagen,” zei de kikker. “Kun je mij niet eens naar de andere kant van het water brengen?” vroeg de schorpioen. “Ik wil wel eens wat meer van de wereld zien. Kan ik niet eens een keer op jouw rug naar de overkant… dat jij me brengt… en ik op je rug zit?” “Ik weet het niet,” zei de kikker aarzelend. “Als we dan op de helft zijn, prik je me zeker en dan ga ik dood!” “Denk nu toch eens goed na,” zei de schorpioen. “Dat zou ik nooit doen! Als ik jou prik en jij gaat dood, dan verdrink ik ook. Dus, wat denk je, zullen we het doen?” De kikker dacht enige tijd na en zei: “In orde, dat klinkt logisch, kruip maar op mijn rug.” Zo gezegd, zo gedaan. De schorpioen kroop voorzichtig op de rug van de kikker en zo zwommen ze samen de sloot over. Ze waren nog niet halverwege toen de kikker plotseling een stekende pijn in zijn rug voelde. “Wat doe je nu?!” schreeuwde de kikker. “Nu ga je zelf ook dood! Waarom doe je dat nou?!” De schorpioen zei een beetje verlegen: “Ik kan het niet laten … Dat is mijn inborst, mijn karakter.”

Ook al lijken dingen soms logisch, logica is maar flinterdun. In basale situaties is ons karakter vaak sterker dan de logica en neemt het de sturing over. Ik moest bij dit verhaal denken aan onze klimaatproblemen: Waarom doen we niet dat wat logisch is?

Advertenties

Een handtekening onthult iemands karakter…

kikkers-en-schorpioen-3

  • Steken onder water

Een schorpioen staat aan de kant van de rivier. Hij wil naar de overkant, maar kan niet zwemmen. Toevallig zwemt er op dat moment een kikker voorbij. ’Wil jij mij helpen?’, vraagt de schorpioen aan de kikker. ‘Als ik op je rug kan zitten, kun jij mij naar de overkant brengen.’ ‘Ben je gek’, antwoordt de kikker. ‘Je zal me onderweg steken en dan ga ik dood.’

‘Lieve kikker’, lacht de schorpioen. ‘Dat zou toch niet logisch zijn. Als ik zou steken, dan ga jij dood en verdrinken we allebei.’ ‘Okee dan’, zegt de kikker. ‘Spring er maar op.’

De schorpioen klimt op de rug van de kikker. De kikker is halverwege de overtocht als hij opeens een scherpe steek in zijn nek voelt. Terwijl de wereld om hem heen wazig wordt zegt de kikker: ‘Wat doe je nu? Je zei zelf dat het niet logisch is wanneer je me zou steken!’ ‘Logica staat hierbuiten’, zegt de spartelende schorpioen. ‘Het zit in mijn karakter.’