Papieren tijgers bijten niet

papieren tijger3.png

  • Wat je afgesproken hebt, moet je waarmaken

Gemeenten, Rijk, jeugdhulpaanbieders en branches hebben een statement uitgebracht hoe zij met zorg en hulp – dicht bij huis – kunnen aansluiten op wat jongeren en gezinnen écht nodig hebben. Van zulke berichten word ik blij. En verwachtingsvol. In de wetenschap dat papieren tijgers niet bijten.

Alle betrokken partijen willen op korte termijn actie om tot verbeteringen te komen. De acties zullen zich vooral richten op versterking van samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieders in de jeugdregio’s. Problemen moeten worden benoemd, de juiste personen aangesproken en er moet doorgepakt worden!  Waar heb ik dat vaker gehoord. Was en is dat niet de gezamenlijke ambitie bij de grootste decentralisatieoperatie ooit?

Wie de evolutietheorie van Charles Darwin een beetje kent, kon voorspellen hoe het zou aflopen met die grootse ambitie. Want nadat wij de transitie (overdracht van taken) hadden gerealiseerd, is de ambitie onder invloed van beheers- en drift tot behoud vooral een papieren tijger geweest. Evolueren naar een tandeloze tijger zit er misschien nog wel in. Maar net als voor 99,9 procent van de diersoorten die ooit de aarde bevolkten, dreigt voor dit exemplaar toch ook nog te veel en te vaak: die zien we niet meer terug.

Wat je afgesproken hebt, moet je waarmaken. Dat geldt zeker voor de ambities binnen het sociaal domein. Iedereen moet meetellen en meedoen. Met een open oog en oor voor de mogelijkheden en beperkingen van elk individu. Maar niettemin stelt menig politicus, bestuurder, organisatie of professional alles in het werk om uitvoering van de zoveel mogelijk te ontlopen.

Omdat partners binnen het sociaal domein minder happig zijn op de consequenties van die beweging. (Verantwoord) loslaten, andere werkinvulling, minder omzet, enzo verder. Belangrijker nog dan deze ‘praktische’ bezwaren is wellicht de collectieve moeite die wij – mijzelf incluis – hebben om de omvormingsopdracht (transformatie) concreet handen en voeten te geven.

‘Eigen kracht’: het lijkt een hol begrip. Tegelijkertijd is het wel de rode draad voor de hele transformatie, en voor alle facetten die in de transformatie aan de orde zijn. Wat houdt het precies in? Wat zijn concreet de consequenties ervan in het sociaal domein en wat vraagt dit van de betrokkenen? Het eigen kracht-denken heeft namelijk vooral impact op de professional, de manager en het politiek bestuur.

Professionals verwerven door het eigen kracht-denken hun eigenwaarde op een andere manier. De expertrol op afstand wordt lastiger, ze worden geacht zelf zuiver te blijven en zich niet te verschuilen achter protocollen. Hun zekerheid neemt af, de ‘echtheid’ neemt toe, het werk gaat van denken naar meer hands-on, en het vraagt om een betere combinatie van denken en doen. Het vermogen om eigen werk met je collega’s te organiseren neemt toe, het vermogen om samen verantwoordelijkheid te nemen ook.

Managers moeten meer verbinding op de gezamenlijke stip aan de horizon organiseren. Ze moeten vertrouwen geven aan anderen, zodat zij in beweging komen. Loslaten is een van de hefbomen. Inhoudelijke sturing en het geven van instructies passen niet meer. Het gaat om bezieling en korte cirkels, waarbij de medewerker verantwoordelijkheid krijgt en verantwoordelijk wordt gehouden.

Ook het politiek bestuur moet afscheid nemen van ‘in control’ willen zijn. Terwijl hun natuurlijke houding er een is van meer kaders scheppen. Inhoudelijke normen bedenken blijkt lastig. Politici en bestuurders moeten leren omgaan met tragiek en pech. Sturen op gewenste uitkomsten, op doelen, is wat anders dan sturen op basis van output. Is de dienst juist uitgevoerd? Zijn de juiste handelingen verricht (volgens het juiste behandelprotocol)? Zijn de uren gemaakt? Zijn er voldoende contactmomenten geweest?

Eigen kracht heeft zo effect op alle actoren. De wijze waarop zij sturen, samenwerken, contracteren en organiseren beïnvloedt hoe het in de wijk en bij de inwoner aan tafel werkt. Dat vraagt een nieuw evenwicht tussen sturing, samenwerken, autonomie en verantwoording.

Of ik dat niet zie gebeuren? Welzeker. Ik zie her en der in den lande goede en inspirerende initiatieven. Zo ben ik zelf professioneel betrokken bij een gemeente die daadwerkelijk dat avontuur aan wil gaan. In Wijchen (Gelderland) werken gemeente en de organisaties voor welzijn en zorg aan een nieuwe vorm van samenwerking. Samen hebben zij, gebaseerd op een gezamenlijke verkenning, een model voor een gebiedsgerichte werkwijze en bekostiging uitgewerkt. Met enerzijds de veranderopgave (transformatie) binnen het sociaal domein en anderzijds het beheersbaar houden van de uitgaven daarvoor als leidraad.

Onder voorwaarde van een verschuiving van verantwoordelijkheden en mandaat naar de organisaties van welzijn en zorg worden daarmee tegelijkertijd (administratieve) barrières en belemmeringen voor inwoners, professionals en hun organisaties worden weggenomen.

Met dat model als basis hebben zij vervolgens de dialoog gevoerd over de kaders waaraan de uitwerking in vorm (organisatie en proces) en inhoud (houding en gedrag) zal worden getoetst. Zo is overeenstemming bereikt over de vorming van een coöperatie waarin alles aanbieders samenwerken.  De gemeente en coöperatie verhouden zich als subsidieverstrekker en subsidieontvanger. De gemeente definieert de door de coöperatie uit te voeren activiteiten en de daarmee beoogde doelen. De leden en leveranciers hebben zich  verplicht tot en zijn aanspreekbaar op het samenhangend en integraal vorm geven van de welzijn en zorg voor de inwoners in de gemeente.

Of het een eenvoudig proces is? Integendeel. Waar de visie en doelstelling gedeeld wordt, blijken vooral wet- en regelgeving een molensteen om de nek van de ambitie. De ruimte voor de ‘meer redelijke’ methode op basis van is – als wij alles doen wat ‘moet’ nog onvoldoende of nog niet voorhanden is. Desondanks heeft de gemeenteraad deze week besloten om het ‘avontuur’ aan te gaan. Dat is, wat mij betreft pas echt een statement.

 

 

 

Advertenties

De weg vanwaar je komt

Lion.png

  • Lion – Het verhaal van de Indiase jongen Saroo Brierley

Als 5-jarig jongetje komt hij per ongeluk terecht op een trein die hem duizenden kilometers door India voert; ver weg van zijn thuis en familie. De kleine Saroo heeft geen idee waar hij is of waar hij vandaan komt. Na wekenlang in zijn eentje te overleven in de ruige straten van Calcutta wordt de jongen opgenomen in een weeshuis en uiteindelijk geadopteerd door een Australisch echtpaar.

Door een samenloop van omstandigheden, gaat Saroo op zijn 30ste op zoek naar de plek waar hij jaren geleden zijn familie kwijtraakte. Slechts gewapend met Google Earth en zijn vroegste jeugdherinneringen bekijkt hij elke avond urenlang de spoorlijnen die naar Calcutta leiden, totdat hij na een jaar dat ene station denkt te herkennen. Hij vertrekt naar India in de hoop zijn familie terug te vinden.

  • Lion is de verfilming van de bestseller “Mijn lange weg naar huis”. De verfilming kent een sterrencast waaronder (Oscar® genomineerde) Nicole Kidman, (Oscar® genomineerde) Roony Mara, Dev Patel en David Wenham.

Niet-zien en blind kijken

blind date.png

  • Mein Blind Date mit dem Leben

De Duitse film Mein Blind Date mit dem Leben is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de jonge, ambitieuze Saliya, die op vernuftige en moedige wijze vasthoudt aan zijn dromen, ondanks dat hij grotendeels zijn zicht verliest.

Al snel nadat hij het slechte nieuws van zijn oogarts krijgt dat hij nog maar 5 procent van zijn zicht kan behouden, besluit hij om zijn handicap te verzwijgen en toch te solliciteren bij het vijfsterrenhotel Bayerischer Hof. Tegen alle verwachtingen in lukt het hem om zijn geheim voor zich te houden en aangenomen te worden.

Vol passie en plezier werkt hij samen met zijn familie en vrienden aan het verwezenlijken van zijn droom en bevindt hij zich constant in het speelveld tussen succes en gesnapt worden. In deze ingewikkelde situatie oefent hij hard, maar loopt hij toch geregeld tegen de grenzen van zijn kunnen aan. Als hij Laura ontmoet wordt het allemaal nog spannender en komt zijn zorgvuldig opgebouwde kaartenhuis op instorten te staan. In de romantische komedie van Marc Rothemund maak je mee hoe Saliya zich in deze veeleisende omgeving knap staande weet te houden.

Wanneer je verliest…

verdwijnen.png

  • Verdwijnen

Roos is op bezoek bij haar moeder Louise in Noorwegen om de verjaardag van halfbroertje Bengt te vieren. Het welkom is niet al te hartelijk. Bengt is boos omdat Roos een lange tijd weg is geweest en de verhouding tussen Roos en Louise is sinds jaar en dag stekelig. Met Bengt is het snel bijgelegd, maar bij Louise ligt het een stuk moeilijker. Ze is echter vastbesloten om haar moeder te bereiken. Het bezoek van Roos heeft dit keer namelijk nog een reden. Ze is bij haar familie om te vertellen dat ze ongeneeslijk ziek, waardoor dit de laatste kans op verzoening met haar moeder is.

Op uitmuntende wijze worden in Verdwijnen de onderlinge verschillen tussen moeder en dochter tegen elkaar uitgespeeld. Boudewijn Koole toont zich in dit moeder-dochterdrama een meester in de subtiliteit: hij vertelt via de kleinste details van beelden en geluiden. Zo trekt hij je langzaam de gedachtewereld van hoofdpersoon Roos binnen, een vrouw die haar stugge, naar Noorwegen geëmigreerde moeder bezoekt om te vertellen dat ze dodelijk ziek is.

Eenvoudig gaat dat niet. Het contact tussen Roos en moeder Louise verloopt uiterst stroef – uit halve woordjes valt op te maken dat het waarschijnlijk al jaren zo gaat.

‘Moet dat zo kort?’, vraagt dochter terwijl moeder de nagels van een van haar sledehonden knipt. ‘Anders zou ik het niet doen’, klinkt het afgemeten.

Waar Roos sociaal losjes is, zelfs gaat duiken met haar Noorse halfbroertje Bengt, daar is Louise een ijskonijn. Het verschil zit ook in hun beroepen: Roos werkt aan een boek, Louise is pianolerares. Zoeker en piekeraar versus koele perfectionist. Op uitmuntende wijze worden hun onderlinge verschillen tegen elkaar uitgespeeld door Rifka Lodeizen (Roos) en Elsie de Brauw (Louise).

Roos voelt zich beduidend vrijer bij vroege puber Bengt (Marcus Hanssen), die op zijn beurt gebiologeerd is door haar. Hij componeert behoorlijk ingenieuze en sfeerrijke soundscapes op zijn computer, vooral van de galmende ijspegels in een grot in de buurt, en maakt nu ook opnamen van haar ademhaling terwijl ze slaapt.

Koole filmt het als tedere en liefdevolle toenaderingen, vindt met Bengts opnamen een poëtische vorm om Roos’ sterfelijkheid te benadrukken, tegelijkertijd wijst hij de subtiele seksuele spanning tussen de twee ook niet helemaal af. Verhoudingen tussen mensen, ook die tussen een kind en veertiger, zijn levensecht doch allesbehalve vanzelfsprekend, in Verdwijnen.

 

Hoe denkt u over hemel en hel?

hemel-en-hel

  • De maaltijd in hemel en hel

Een man verbaasde zich al sinds zijn jeugd over de dingen die de mensen elkaar vertelden over de hemel en de hel. Zo hoorde hij hen zeggen dat de hemel een goede plaats was en de hel een slecht oord. De hemel zat barstensvol engelen en heiligen, terwijl de hel overbevolkt was met duivels, kwade geesten en gemene lieden. De man wist niet goed wat hij hiermee moest. Volgens hem kon je slechts een oordeel over deze twee oorden hebben als je ze met eigen ogen had gezien.

Op een nacht werd hij gewekt door een engel die hem vroeg: ‘Ben je er nog altijd zo op gebrand om het verschil tussen hemel en hel te weten?’ ‘Ja,’ antwoordde de man, ‘ik wil niets liever weten dan waar ik terechtkom als ik doodga.’

Hierop nam de engel hem bij de hand en samen vlogen ze door een dichte, eindeloze duisternis tot ze bij een gesloten poort aankwamen. De engel duwde de zware deur open en zei: ‘Dit is de hel. Houd je ogen goed open en zorg er voor dat je geen detail mist.’

De man was zeer verbaasd. Er was, zoals hij verwachtte, geen duivel te zien in de hel, noch saters met bokkenpoten of eeuwige vuren waarin mensen brandden. Al wat hij zag was een gigantische zaal vol eettafels en elke tafel was volgeladen met de verrukkelijkste gerechten, schalen met het sappigste fruit, hoog opgestapelde taarten, de beste wijnen en de zachtste kazen. Zo ver hij kon zien zag hij mensen  aan deze beladen feesttafels zitten.

In eerste instantie benijdde hij hen, tot zijn blik op hun armen viel. Toen pas merkte hij op dat hun armen vanaf hun schouders veranderd waren in vorken. En deze vorken waren zo lang dat, hoezeer de feestgangers er ook hun best voor deden, ze niet in staat waren het voedsel naar hun mond te brengen. Hun vruchteloze pogingen waren zo frustrerend dat ze paars zagen van woede, haat en honger. De engel nam de man opnieuw bij de hand en leidde hem naar buiten. Voor de tweede keer vlogen ze door een dichte, koude duisternis, tot ze bij een andere poort aankwamen. De engel stopte, zwaaide de deur open en riep: ‘Mag ik je met vreugde presenteren: de hemel!’

In eerste instantie raakte de man in grote verwarring, want de hemel zag er exact hetzelfde uit als de hel! Het was precies dezelfde gigantische ruimte, en ook hier  stonden lange eettafels, volgeladen met de meest exquise gerechten uit alle delen van de wereld. Zelfs de feestgangers zagen er identiek uit: ook bij hen waren de armen veranderd in onhandige, lange vorken. Even dacht de man dat de engel een flauwe grap met hem uithaalde, totdat hij nog eens goed keek en het verschil opmerkte. De mensen in de hemel waren niet kwaad of hongerig, integendeel, ze lachten allemaal en waren goed doorvoed. Want deze mensen gebruikten allemaal hun lange gevorkte armen om hun buren te voeden. Ze werkten samen, ze hielpen elkaar en deelden het fantastische eten, zodat ze allemaal in gelijke mate aten, dronken en plezier hadden.

Respect biedt vreugde

vijgen.png

  • Vijgen

‘Spreek alstublieft eens met onze zoon,’ vroeg een ouder echtpaar aan de burgemeester van het dorp. ‘Al het geld dat hij verdient geeft hij uit aan vijgen en wij krijgen niets. Wij zijn te oud om nog te werken. Ons spaargeld is bijna op en we zijn binnenkort veroordeeld tot honger lijden.’ De burgemeester beloofde dat hij de jongen zou aanspreken op zijn gedrag. En zo geschiedde. ‘Je ouders hebben je opgevoed en ervoor gezorgd dat jij een goede opleiding kon volgen. Nu zijn ze oud en laat jij ze aan hun lot over. En naar ik heb gehoord alleen maar omdat je zo verzot bent op vijgen. Als je een hart in je lijf hebt, stop je met die slechte gewoonte.’

De jongen schaamde zich diep. Hij nam de woorden van de burgemeester ter harte en deelde zijn inkomen voortaan met zijn ouders. Toen de vader de burgemeester tegen kwam bedankte hij hem uitbundig. ‘Maar wat ik niet begrijp is waarom u ons eerst vijf weken liet wachten.’ De burgemeester schoot in de lach. ‘Ik houd ook erg van vijgen en kan er maar moeilijk afblijven. Ik voelde dat ik niet het recht en de kracht had om jullie zoon te vermanen als ik niet eerst zelf vijf weken afzag van het eten van vijgen.’

Geleende tijd

borrowed-time

  • Het wonder van genade

Borrowed Time vertelt het ontroerende verhaal van een sheriff die nog altijd worstelt met een ongeval uit zijn jeugd. En op het moment dat hij het allemaal niet meer ziet zitten, vindt hij toch de kracht om door te gaan.

Het mooie westen

Het korte verhaal in Borrowed Time smaakt wel naar meer en zou een mooie opening zijn voor een (arthouse?) film over de ‘jonge’ sherrif en hoe hij gekomen is tot waar hij staat, letterlijk en figuurlijk.

Het kostte 5 jaar tijd om deze korte film van 6,5 minuut te maken. Maar hij is dan ook prachtig! De film Borrowed Time is van Pixar-medewerkers Andrew Coats en Lou Hamou-Lhadj.

Er is ook een “why we made Borrowed Time”-feature, die nog eens uitlegt wat de makers dachten toen ze deze short hebben gemaakt, hoe het verhaal geëvolueerd is en hoe ze gekomen zijn waar ze zijn.