Voor de alweters met oogkleppen en oordoppen

  • Het doorsnee Kamerlid is teveel wijsneus in plaats van bestuurder

oogkleppen en oordoppen

Een deel van de Tweede Kamer wil nog voor de zomer een Kamerdebat over de duizenden bezwaarschriften tegen stopzetting of versobering van huishoudelijke hulp die tot nu toe bij gemeenten zijn ingediend. ‘De grote hoeveel bezwaarschriften zijn een teken aan de wand dat de Wmo niet goed wordt uitgevoerd’, meent Renske Leijten (SP).

Ik zal de laatste zijn die beweert dat de decentralisaties binnen het sociaal domein overal en altijd vlekkeloos verlopen. Wie om zich heen kijkt, ziet zich omringd door zaken die (nog) niet lopen als wel bedoeld was of is. Sommige mensen worden omringd door meer misstanden dan anderen. Sommige misstanden zijn fouter dan andere. Dat is meestal een kwestie van opvatting. Wat voor de een geldt als ernstig, is voor de ander nog aanvaardbaar.

Hoe dan ook, waar gewerkt wordt worden fouten gemaakt. De vraag is: pakken gemeenten hun verantwoordelijkheid, of schuiven zij de schuld op anderen. En tegelijkertijd dat de verontwaardiging van (een groot deel van) de Tweede Kamer heel veel weg heeft van krokodillentranen. Met (de) gemeenten als dankbare zondebok. Zij komen onder zware (publicitaire) druk.

Ik ben van mening dat gemeenten in het algemeen hun verantwoordelijkheid meer dan nemen. Want hoe lang is het geleden dat ‘Den Haag’ ons duidelijk maakte dat de politiek klaar stond om de overheidsfinanciën op orde te brengen? Die waren door de economische tegenslag van de afgelopen jaren immers danig uit het lood geslagen! Mede door de opbouw van de collectieve uitgaven, ook in vergelijking met het buitenland. Twee derde van de uitgaven ging naar sociale zekerheid, zorg en onderwijs. En ja, zo beweerde datzelfde Den Haag, hoewel die ombuigingen op brede weerstand zouden stuiten, ze waren onvermijdelijk.

Vervolgens werden besluiten genomen die leidden tot de drie grootste decentralisaties uit de geschiedenis: de Jeugdwet, de WMO 2015 en de Participatiewet. Daarnaast speelde een grootschalige stelselwijziging: de invoering van passend onderwijs waarbij scholen een zorgplicht krijgen. Als gevolg hiervan wordt afstemming tussen onderwijs en gemeenten steeds belangrijker.

Vanaf 2015 worden gemeenten vanwege die drie decentralisaties verantwoordelijk voor de ondersteuning en dienstverlening aan een grotere groep inwoners. Het kabinet en de Tweede Kamer beloofden gemeenten daarbij veel beleidsvrijheid. In ruil voor extra bezuinigingen. Afgelopen jaren heeft bij de gemeenten het doen en laten dan ook in het teken hiervan gestaan.

De gevolgen van de bezuinigingen – zo realiseerden gemeenten zich – deden en doen een groot beroep op de veerkracht van onze samenleving. Individuele inwoners en het voorzieningenpakket konden en kunnen niet worden ontzien. Voor alles en iedereen een hele uitdaging, Maar: wat moet, dat moet! Dat gold en geldt zeker ook voor de voorgestelde ombuigingen die gepaard gingen en gaan met pijnlijke bezuinigingen die financiële offers vragen van onze inwoners. Daarbij werd en wordt door gemeenten aangesloten op het pleidooi van de regering om vaart te willen maken met toepassingen en regelingen die mensen kunnen helpen om (langer) zelfredzaam te blijven.

Terwijl gemeenten zo de eigen kracht van mensen aanspreken en er op inzetten om deze te versterken, komt uit hetzelfde Den Haag een tegenbeweging op gang. Overigens wel pas, nadat de verantwoordelijkheid was afgeschoven op gemeenten.

Terwijl het rijk de verantwoordelijkheden naar de gemeenten doorschuift doorkruist ‘Den Haag’ de taak van de gemeenten voortdurend met (nieuwe) opvattingen en daaruit voorvloeiende bindende regels. Omdat ze vrezen dat het anders niet goed gaat. Daar, waar het kabinet en Kamer invloed kúnnen hebben, met een visie op het beleid, blijft het stil. Anders gezegd: ‘Den Haag’ gooit van alles over de schutting, maar visie en doorzettingsvermogen ontbreken op pijnlijke wijze. Drie bijbehorende kenmerken:

  • Ze slagen er zelf niet in realistische doelen te formuleren. Hoofdzakelijk omdat ze een rommeltje maken van de daadwerkelijke uitvoering.
  • Ze ontzeggen gemeenten dat uit mensen te halen wat er in zit. Dit is misschien wel de grootste handicap: ze kunnen niet delegeren.
  • Ze luisteren en kijken slecht. Als gevolg daarvan ontbreekt het hen aan zelfkennis en inzicht in hun eigen efficiëntie.

Dit alles verlamt het eigen leervermogen van gemeenten.

In plaats van nu krokodillentranen te huilen over het doen en laten van gemeenten zou ‘Den Haag’ zich serieus moeten verdiepen in waar het echt fout gaat: de ingebakken angst voor ongelijkheid. Zonde, want dat staat maatwerk in de weg.

Iedereen in ons land verdient een kans om zijn talenten maximaal te ontwikkelen. En de verantwoordelijkheid om dat mogelijk te maken, om daar de voorwaarden voor te scheppen, hebben we samen. Onder andere door te zorgen voor goede ondersteuning, zorg, onderwijs en mogelijkheden tot deelname aan de maatschappij.

Niemand is daar tegen. Net zomin als tegen goede zorg, goede sociale voorzieningen, een goed functionerende arbeids- en woningmarkt, goede infrastructuur en gezonde overheidsfinanciën. Tegelijkertijd geldt dat mensen niet ‘standaard’ zijn. Daarom willen gemeenten hun beleid zo aanpassen dat er echt maatwerk kan worden geleverd. Daar zat en zit natuurlijk ook een ideologische discussie onder of achter. Maar over de belangrijkste criteria bestaat volgens mij behoorlijk veel consensus.

1. Voorzieningen moeten betaalbaar zijn, ook op termijn.
2. Ze moeten aansluiten bij wat mensen willen en kunnen.

Gemeenten richten zich – mede daarom – bij de veranderingen niet alleen op kostenbesparing, maar vooral ook op meer zelfstandigheid en maatwerk dicht bij mensen.

En dat vraagt het loslaten van de rigiditeit uit het Haagse stelseldenken en de daarmee verbonden ingebakken angst voor ongelijkheid. Iedereen krijgt hetzelfde, graag of niet. Dat nu staat het betere en het goede stevig in de weg. Als ‘one size fits all’ verandert in ‘one size fits nobody’, is het tijd om in te grijpen en meer ruimte te geven aan de praktijk. Aan de diversiteit, die nu eenmaal bestaat. Want mensen en situaties zijn verschillend. Daarom ook moeten wij de collectieve drempels – overigens met de beste bedoelingen opgeworpen – slechten. En rap een beetje.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s