Alive inside

Beschaving is wat overblijft als men alles vergeten heeft

Met de vergrijzing neemt in de westerse wereld het aantal mensen met een haperend geheugen in hoog tempo toe. Alleen al in de VS kampen miljoenen bejaarden met dementie. De omgeving kijkt vaak machteloos toe hoe dit aftakelingsproces de identiteit en waardigheid van hun geliefden aantast. Muziek uit het verleden van deze patiënten blijkt de verborgen schatten van het geheugen echter weer aan de oppervlakte te brengen. In Alive Inside, winnaar van de US Documentary Audience Award op Sundance, laat filmmaker Michael Rossato­-Bennett zich over een periode van drie jaar rondleiden door sociaal werker Dan Cohen, die enkele roerende voorbeelden uit de praktijk laat zien. Bij sommige patiënten doet een simpele melodie, zoals Schubert’s Ave Maria of When the Saints Go Marching In van Louis Armstrong, lang verloren gewaande gevoelens en herinneringen herleven. Voor deze ouderen, die in een door jeugd geobsedeerde maatschappij vaak liggen weg te kwijnen in verzorgingstehuizen, levert de therapie een spectaculaire toename van de levenskwaliteit op.

De indrukwekkende resultaten van Cohens experimenten worden geduid in gesprekken met deskundigen, onder wie neuroloog Oliver Sacks en muzikant Bobby McFerrin. Zij verklaren hoe muziek als het ware via de achterdeur in het brein kan inbreken om een sluimerend geheugen wakker te schudden.

Advertenties

Naziha’s spring

Geluk vind je pas wanneer je je weet vrij te maken

Assets_000007_00000717_scaled_panoramaplus_71745_1

De Marokkaans-Nederlandse Naziha, moeder van tien kinderen, nam negen jaar geleden een ingrijpend besluit. Niet langer wilde ze uren doorbrengen op het politiebureau wanneer enkele van haar zonen zich weer eens schuldig hadden gemaakt aan diefstal, bedreiging of overlast. Ze zette haar gewelddadige man de deur uit en begon, ondersteund door een groot aantal hulpverleners, de strijd om haar kinderen weer op het rechte pad te krijgen. In vlekkeloos Nederlands vertelt ze haar verhaal. Hoe ze als jong meisje werd uitgehuwelijkt aan een dertig jaar oudere man. Hoe haar huishouden door zijn toedoen veranderde in een “terroristisch opvoedkamp”. Verbeten spreekt ze zich uit over die zwarte periode, die heeft geleid tot het criminele gedrag van haar zoons. “Kinderen gedragen zich niet zomaar vervelend. Wij maken ze tot wat ze zijn.” Met haar verhaal wil ze het taboe dat er rust op het accepteren van hulpverlening doorbreken. Nu haar oudste zoons het huis uit zijn, is ze strijdlustiger dan ooit. Maar net als het tij lijkt gekeerd, slaat het noodlot toe en lijkt het normale, rustige leven waarvan ze droomt, verder weg dan ooit. Dit is het verhaal van een mondige, moderne vrouw, die ondanks de ballast van haar jeugd en de voortdurende problemen met haar kinderen, onuitputtelijk blijft strijden voor een beter leven.

Raken is geraakt worden

Intouchables (onaantastbaren) is een Franse film uit 2011 van het regisseursduo Olivier Nakache en Éric Toledano. De film vertelt het waargebeurde verhaal van een geheel verlamde aristocraat (gespeeld door François Cluzet) die een vriendschap opbouwt met zijn uit de banlieue afkomstige verzorger (gespeeld door Omar Sy). De film is gebaseerd op het autobiografische boek Le Second Souffle van Philippe Pozzo di Borgo.

De film vertelt het verhaal van Philippe, een vrijwel geheel verlamde aristocraat van middelbare leeftijd, en Driss, een jonge ex-delinquent uit de banlieue van Parijs, en de bijzondere vriendschap die ontstaat tussen deze twee.

Wanneer de film begint, is Philippe op zoek naar een nieuwe verzorger. Verschillende sollicitanten zijn al de revue gepasseerd, tot Driss binnenstormt. Hij is beslist niet uit op de baan, maar heeft de handtekening voor zijn afwijzing nodig, als bewijs dat hij gesolliciteerd heeft, zodat hij een uitkering kan aanvragen. Philippe ziet echter wel iets in hem, en daagt hem uit om als verzorger in dienst te komen en bij hem in te komen wonen. Driss, die net uit de gevangenis is ontslagen en door zijn hevig teleurgestelde alleenstaande moeder het huis uitgestuurd is, kan wel wat woonruimte gebruiken en gaat zodoende de uitdaging aan. Dit doet Driss echter op zijn eigen, onconventionele wijze. Philippe beschouwt het als een verademing om eens niet als zielige zieke man benaderd te worden, maar als persoon. De twee mannen groeien geleidelijk aan naar elkaar toe en er ontstaat een hechte vriendschap tussen de twee. Driss laat Philippe genieten van het leven, zet het huis bij tijd en wijlen op stelten, en leert Philippe hoe die zijn zestienjarige puberdochter weer in het gareel moet krijgen.

Dan duikt het jongere broertje van Driss ineens op in de villa van Philippe. Hij heeft zich flink in de nesten gewerkt. Philippe en Driss realiseren zich dat het (grote) gezin van Driss’ moeder eigenlijk misschien nog wel meer gebaat is bij de goede zorgen van Driss. En zo scheiden hun wegen: Driss keert terug naar zijn moeder, en Philippe regelt een nieuwe verzorger. Het leven van Driss en zijn familie krijgt een positieve wending na zijn terugkeer, en Driss vindt een baan als koerier. In de tussentijd kwijnt Philippe weg bij zijn nieuwe verzorger, die hem niet als mens, maar als zielige patiënt beschouwt.

Driss hoort dat het slecht gaat met zijn vriend, en besluit toch nog een keer terug te komen. Hij neemt Philippe mee in een van de snelle sportwagens die er op zijn landgoed staan, en brengt hem naar een hotel aan de kust. Daar blijkt Driss een date geregeld te hebben met de schrijfvrouw van Philippe, een vrouw met wie Philippe al maanden schreef, maar die hij nooit zelf durfde te ontmoeten.

Patch Adams

Zijn wij niet allemaal dokter en patiënt tegelijkertijd?

Hunter “Patch” Adams (Washington D.C. 28 Mei, 1945) is de stichter van het Gesundheit Institute in 1971. Zijn leven is verfilmd met de titel Patch Adams, waarin Robin Williams de hoofdrol speelt. Adams werkt nu in Arlington, Virginia, waar hij alternatieve gezondheidszorg promoot samen met het instituut.

Patch Adams is een sociaal actief persoon, een professionele clown, artiest en auteur.

Patch Adams heeft zijn artsendiploma (Doctor of Medicine) gehaald op het Medical College of Virginia van de Virginia Commonwealth University in 1971. Hij gaat uit van een sterke verbinding tussen de sociale omgeving en het welbehagen van patiënten. Hij is ervan overtuigd dat de gezondheid van een persoon niet apart gezien kan worden van de gezondheid van zijn familie, de gemeenschap en de wereld. Vanuit dit geloof heeft men het Gesundheit Institute opgericht, dat 12 jaar heeft bestaan. Het doel is om weer een Gesundheit Institute op te richten, maar dan als compleet ziekenhuis, waar gratis gezondheidszorg wordt gegeven en het gebruik van traditionele medicijnen wordt verbonden met alternatieve medicijnen als acupunctuur en homeopathie. De gezondheidszorg wordt gecombineerd met landbouw, recreatie, theater, natuur, educatie en handvaardigheid, die deel uitmaken van de therapie. Zijn ideeën leidden tot de oprichting van de Amerikaanse ziekenhuisclowns-organisatie Clown Care Unit (1985), de Nederlandse Cliniclowns door prof. Tom Voute (1992) en de Nederlandse Mediclowns door verpleegkundige Mathijs Schaap (2008).

The Diving Bell and the Butterfly

Niet bang zijn voor de dood of het leven

Na een beroerte leefde de Franse journalist Jean-Dominique Bauby nog 14 maanden met het zogenaamde ‘locked in-syndroom’. Regisseur Julian Schnabel kroop in zijn hoofd: “Als je ziek bent is er geen verschil meer tussen je koortsdromen en de werkelijkheid.”

The Diving Bell and the Butterfly is een ontroerende en meeslepende film die ervoor zorgt dat het publiek niet eerst een beroerte hoeft te krijgen om het leven te waarderen. Het verhaal van Jean-Dominique Bauby had best wat uitvoeriger aan bod kunnen komen, maar als je meer wilt weten kun je altijd nog het boek kopen.

The Diving Bell and the Butterfly is een aangrijpend pleidooi voor de verbeelding én een bijtend relaas over isolatie; ontroerend maar niet sentimenteel, wrang maar niet wreed. Alles klopt, alles is verzorgd.

Jagten

Wie onschuldig is heeft vaak een handiger advocaat nodig dan wie schuldig is.

Jagten (De Jacht, Engelse titel: The Hunt) is een Deense dramafilm uit 2012, geregisseerd door Thomas Vinterberg, naar een scenario van Tobias Lindholm en Vinterberg zelf.

Wie onschuldig is heeft vaak een handiger advocaat nodig dan wie schuldig is.

Verhaal
De pas gescheiden vader Lucas is leider op een kleuterschool in een klein dorp in Denemarken. De kinderen zijn gek op hem en hij op hen. De kleine Klara is zelfs zo dol op Lucas dat ze hem op een onbewaakt moment vanuit het niets op de mond kust. Daarbij stopt ze ook een klein ingepakt hartje dat ze voor hem maakte in zijn zak. Lucas neemt Klara daarom even apart, legt haar uit dat zoiets niet kan en dat ze het hartje aan een jongetje van haar leeftijd moet geven. Verward en teleurgesteld trekt het meisje zich terug. Lucas denkt niet lang na over het voorval en richt zijn aandacht op de andere kinderen.

Hoofdleidster Grethe treft Klara aan het eind van de dag alleen achter een bureau aan. Ze ziet dat het meisje ergens mee zit en vraagt of er iets is. Klara vertelt haar dat ze Lucas stom vindt, ‘omdat hij een piemel heeft die recht overeind staat.’ Grethe vindt dit zo’n vreemde opmerking voor een klein meisje, dat ze die uiterst serieus neemt en Lucas begint te verdenken van seksueel misbruik. In werkelijkheid komt Klara aan dergelijke taal door een onnadenkende opmerking van haar puberende broer, net nadat die een paar seksfoto’s zag en die Klara ook voor haar neus hield. Lucas is volkomen onschuldig. Aangezien hij de aard en achtergrond van de beschuldiging niet kent, kan hij zich hier alleen niet tegen verdedigen. Tijdens een halfbakken intern onderzoek op de kleuterschool krijgt Klara vervolgens vragen die zo sturend zijn, dat ze alleen maar antwoorden kan geven die de ondervragers als bewijs voor Lucas’ schuld kunnen uitleggen. En dat doen ze.

Grethe stelt Lucas op non-actief. Daarnaast licht ze de ouders van zowel Klara als de andere kinderen op de school in en brengt ze de autoriteiten op de hoogte. Het ‘nieuws’ verspreidt zich als een lopend vuurtje door de kleine gemeenschap. Die keert zich vrijwel volledig en totaal tegen Lucas. Bijna iedereen kijkt hem op straat met de nek aan, zijn ex-vrouw houdt hun zoon Marcus bij hem weg, winkels weigeren hem iets te verkopen en zowel zijn vrienden als voormalige collega’s verbreken elk contact met hem. Dat geldt ook voor zijn beste vriend Theo, Klara’s vader. Klara zelf probeert meermaals uit te leggen dat Lucas niets verkeerds gedaan heeft, dat ze ‘iets doms gezegd heeft.’ Grethe en haar moeder leggen dit alleen uit als teken dat Klara het misbruik vergeten is; dat het wel degelijk plaatsgevonden heeft, maar dat het meisje de nare herinnering verdrongen heeft.

De situatie escaleert verder. De beschuldiging tegen Lucas dat hij Klara heeft misbruikt, breidt zich uit tot de aantijging dat hij met nog veel meer kinderen op de school seksuele handelingen heeft verricht. De ruiten van Lucas’ huis worden ingegooid, zijn hond Fanny wordt vermoord en Lucas wordt in elkaar geslagen. Alleen zijn tienerzoon Marcus en diens peetoom Bruun blijven vierkant achter Lucas staan, ervan overtuigd dat hij onschuldig is. Zo komt Bruun erachter dat een aanzienlijk deel van de kinderen die Lucas beschuldigen overeenkomstige verklaringen aflegden over het uiterlijk van de kelder in Lucas huis, waar het misbruik plaatsgevonden zou hebben. Lucas’ huis heeft alleen helemaal geen kelder.

Tijdens de lokale kerstviering in de dorpskerk kan Theo zijn ogen niet van Lucas afhouden. Die is ondanks alles toch komen opdagen. Theo raakt er tijdens het bestuderen van zijn voormalige beste vriend van overtuigd dat die zijn dochter niet misbruikt kán hebben. Hij kan niet langer geloven dat die tot zoiets in staat zou zijn. Zijn vrouw wil alleen niets horen van zijn veranderde gedachten, dus zwijgt hij. Later op de avond gaat Theo bij zijn dochter kijken op haar slaapkamer. Al half in slaap denkt Klara dat niet haar vader, maar Lucas in de deuropening staat. Ze fluistert hem toe dat ze spijt heeft van wat ze heeft gezegd, dat ze dom is geweest. Op dat moment staat Lucas’ onschuld voor Theo helemaal vast. Hij pakt een deel van het kerstmaal van de familie en wat drank en gaat daarmee naar Lucas. Die ligt murw en eenzaam in bed in zijn verduisterde huis. Hij wil in eerste instantie dat Theo weggaat, maar accepteert dan toch het eten en drinken dat die voor hem mee heeft gebracht. Daarmee zetten ze samen de eerste stap in het zuiveren van Lucas’ naam.

Epiloog
Een jaar na de heksenjacht op Lucas, lijken de verhoudingen binnen het dorp weer zoals die vroeger waren. Lucas heeft een relatie met Nadja, Klara toont zich weer volkomen op haar gemak bij hem en Marcus wordt feestelijk onthaald als volwassen lid van de lokale jachtclub. Om dit te vieren, is er die middag een jachtpartijtje in het bos. Wanneer Lucas zich daarbij even afzondert van de andere leden, vliegt er plotseling een kogel rakelings langs zijn hoofd, in de boom achter hem. De moeilijk zichtbare schutter herlaadt en lijkt te richten op Lucas, die verblind raakt door de zon. Wanneer hij weer kijkt, is de schutter verder weg en staat hij met zijn rug naar Lucas toe. Die beseft dat zijn leven ondanks de naamzuivering toch nooit meer hetzelfde zal zijn als voorheen.

De productie werd genomineerd voor de BAFTA Award voor beste niet-Engelstalige film. Jagten won daarnaast onder meer een European Film Award voor beste scriptschrijver 2012, de prijs voor beste acteur (Mads Mikkelsen) van het Filmfestival van Cannes 2012 en een British Independent Film Award voor beste internationale film van 2012.

Ben jij een mens van succes of van waarde?

• Groot zijn vraagt bescheidenheid

waarden_2

Veel problemen van mensen ontstaan door verkeerde inschattingen. Bewust of onbewust gemaakt van mensen en gedragingen. Van de waarde van dingen. Net zo goed als dat andere problemen je gewoon kunnen overkomen. Zoals aangeboren beperkingen, ziektes, etc. Wat de oorzaak ook mag zijn: als daardoor oe behoefte aan ondersteuning of zorg ontstaat, moeten wij er als samenleving staan. Natuurlijk speelt het aanspreken van eigen kracht en zelf de verantwoordelijkheid nemen voor dergelijke situaties dan een cruciale rol. Maar net zo belangrijk daarbij is de hulp van familie, vrienden en bekenden. Ondersteuning van de eigen omgeving is – zo leert de ervaring – van toevoegende waarde. Daarbij spelen waardering en respect voor de eigen mogelijkheden van mensen een cruciale rol.

Bovenstaande noties vormen feitelijk de sleutel van en tot succes bij de omvorming van het sociaal domein. Een opgave die (mede) voortvloeit uit de decentralisatie van allerlei ondersteuningstaken voor mensen in de knel. Een groot deel van die taken, die nu nog op Rijksniveau of op provinciaal niveau wordt uitgevoerd, gaat naar de gemeenten. De budgetten die hiervoor beschikbaar worden gesteld, zijn minder groot dan nu het geval is. Kortom: we moeten meer doen met minder budget……..

De combinatie van nieuwe taken en een fundamenteel andere rolneming vraagt om een verandering in ons denken en doen.

Dit is een opgave die zijn weerga niet kent. Het vraagt om het maken van een omslag naar meer maatwerk, meer zorg in de buurt, meer samenwerking tussen de verschillende aanbieders. Maar ook om een omslag naar houdbaar gefinancierde voorzieningen. Dit vraagt naast verbinding tussen beleid en concrete uitvoering om het scherp krijgen van de toegevoegde waarde van onze doen en laten. Wij zullen slimmer moeten werken, scherpe keuzes moeten maken en lef en leiderschap tonen. Tegelijkertijd vraagt dat een gepaste combinatie van bescheidenheid en sturing.

Vanwege die complexe en tegelijkertijd uitdagende opdracht kan ik u aanbevelen de volgende video eens te bekijken. Geloof het of niet. In deze video red een man het vliegtuig met zijn auto…..

En ja, u hoeft het niet te geloven, want het is een reclame. Sorry. Het is echter ook een prachtige verbeelding voor de hiervoor beschreven opgave: vertrouwen geven, lef en leiderschap tonen en op tijd en op maat bijspringen. Van toevoegende waarde zijn dus. Want dat is goede en kwalitatieve ondersteuning en zorg: van toevoegende waarde!

Wat dat inhoudt? Niet meer overnemen, maar begeleiden en bijspringen. Loslaten van de cliëntgedachte en mensen de kans en ruimte geven om eigen mogelijkheden in te zetten. Mensen die – al dan niet tijdelijk – ondersteuning of zorg behoeven bij een bepaald aspect, willen lang niet altijd bemoeienis bij zaken die ze wel beheersen. Dit moeten wij niet alleen respecteren, maar ook mogelijk maken. Net zo goed als dat wij ruimte moeten bieden voor ondersteuning die misschien niet past binnen de gekende kaders, maar wel tot het verminderen of wegnemen van de belemmering leidt.

De basisgedachte daarbij is dat elk mens een eigen verantwoordelijkheid, eigen talenten en (on-)mogelijkheden kent. Maar tegelijkertijd de erkenning dat mensen niet altijd zonder elkaar kunnen. De mens is een sociaal wezen. De behoefte aan contact met anderen is een wezenlijk onderdeel in zijn of haar leven. Dat laatste geldt in het algemeen, maar eens te meer als er sprake is van knelposities. Van vluchteling tot verslaafde. Van vechtende ouders tot gepeste kinderen. Van jeugdigen of ouderen met andere lichamelijke of verstandelijke mogelijkheden tot mensen met een chronische ziekte. Zij allen verdienen ondersteuning. Van mensen in hun eigen omgeving waar dat kan en – waar dat noodzakelijk is – met behulp van de vele professionals die er zijn. Het samenspel tussen informele en formele zorg luistert daarbij nauw. Dáárin ook ligt een brede verantwoordelijkheid voor professionals. Zij moeten niet alleen vragen wat het netwerk kan doen, maar ook wat het netwerk nodig heeft om ondersteuning en zorg te kunnen blijven bieden (zie ook: https://verruimdehorizon.wordpress.com/?s=mantel+de+mantelzorg).

Om het gewenste resultaat te bereiken is een goed samenspel tussen mensen nodig. Ieder mens heeft zijn of haar eigen plaats en betekenis binnen de samenleving. Die individuele rol moet goed vervuld worden en daarnaast worden ondersteund. Hoe beter dat gaat, des te beter het uiteindelijke resultaat zal zijn.

Dit alles start met een goede relatie tussen de mensen die ondersteuning behoeven en mensen die die ondersteuning bieden. Er moet een ‘klik’ zijn. Dat heeft niets te maken met de ‘deskundigheid’ van de hulpverlener, maar heeft veel te maken met ‘vertrouwen’. Als dat er niet is, zal het heel moeilijk zijn een profijtelijke samenwerking op te starten.

Vertrouwen moet groeien. Het ontstaat door samen zoeken en samen werken. Dat samen werken vraagt om een duidelijke en open interactie is tussen alle partijen. Het vraagt naast professionele bescheidenheid – de ondersteuning vragende mens blijft eerst en vooral zelf de ‘specialist’ in en over zijn eigen situatie – om dienend leiderschap. En, kwalitatief goede ondersteuning is duidelijk: dit doe ik, dat doe jij. Is transparant ook in het wat, wanneer en waarom van de acties.

Ondersteuning en zorg moet dus van toegevoegde waarde zijn. En dus rekening houden met en aansluiten op de eigen mogelijkheden en beperkingen van mensen. Daarbij moeten wij – over en weer – ook durven toegeven dat we kunnen ‘falen’. Gewoon, omdat er soms geen andere oplossing is. Of, omdat de mogelijke oplossing ook risico’s kent. Dat vraagt samen afwegingen en keuzes durven maken. En lef!

Als wij zo kunnen en durven samenwerken bij het realiseren van ondersteuning en zorg is kwaliteit daarvan niet (alleen) wat de professional erin stopt. Het is eerst en vooral wat de ‘klant’ eruit haalt en bereid is ervoor te doen. Ondersteuning en zorg bezit immers geen kwaliteit omdat het moeilijk is of veel geld kost. Het bezit kwaliteit omdat het nuttig en van toevoegende waarde is. Niets meer en niets minder!